Werken en toch in armoede leven: het bestaat ook in België.

Geschreven door op Januari 4, 2019

Werken en toch in armoede leven: het bestaat ook in België

‘Een job is de beste garantie om uit de armoede te blijven’, hoor je vaak. Dat klopt ongetwijfeld, maar toch ook niet helemaal. De recentste Europese cijfers leren dat 5 procent van de werkende Belgen in een huishouden met een verhoogd armoederisico leeft. Wie zijn deze werkende armen? En wat maakt dat ze de eindjes moeilijk aan elkaar kunnen knopen?

1,8 miljoen Belgen hebben een inkomen dat onder de armoedegrens ligt. Ze wonen in een huishouden waar maandelijks minder dan 1.139 euro op de bankrekening verschijnt (= bedrag voor een alleenstaande; voor een gezin met twee volwassenen en twee kinderen gaat het om een netto-inkomen van 2.392 euro). In die groep vinden we veel werklozen en andere niet-actieven, maar verrassend genoeg ook een aantal werkenden. Eurostat berekende dat zo’n 5 procent van de werknemers en zelfstandigen in ons land tegen de armoedegrens aanloopt. Van de 4,6 miljoen Belgen met een job zijn er dus naar schatting 230.000 die moeite hebben om rond te komen.

Op het randje balanceren

Het goede nieuws is dat ons land het daarmee een stuk beter doet dan de buren. Frankrijk bijvoorbeeld komt voor zijn werkenden op een armoederisico van 7,4 procent uit, Duitsland zelfs op 9,1 procent. Bovendien blijven onze cijfers over de jaren heen stabiel. Het probleem van de werkende armen lijkt dus niet uit te breiden. “Klopt”, zegt Ive Marx, hoogleraar aan de Universiteit van Antwerpen. “Al moet ik daar meteen een grote maar aan toevoegen. Deze cijfers houden alleen rekening met het inkomen, niet met wat je ermee kunt doen. Dat de huur- en energieprijzen de voorbije jaren zo sterk zijn toegenomen, zullen werkenden met een laag inkomen wel degelijk gevoeld hebben. Misschien zal het hen zelfs richting armoede geduwd hebben.”

Die indruk delen ze bij het OCMW van Gent. “We merken dat zelfs werkenden vaker op het randje zitten”, reageert Rudy Coddens, schepen van sociaal beleid en armoedebestrijding. “Zeker bij alleenstaande ouders is dat zo. Als zij in een minimum loon job zitten (ongeveer 1.600 euro bruto per maand, nvdr), dan mag er niet al te veel tegenvallen. Ze moeten tellen en elke cent in vieren delen om het einde van de maand te halen. Daar komt nog bij dat zij vaak in jobs en sectoren werken die flexibiliteit verwachten; kassabediende, huishoudhulp, arbeider, horecamedewerker. Die onregelmatige werkuren maken de combinatie met kinderen moeilijker, waardoor ze vaak op een deeltijds werkritme overschakelen. De gevolgen laten zich raden.”

Om die reden kijkt David De Vaal van het Netwerk tegen Armoede met een bang hart naar de verdere flexibilisering van de arbeidsmarkt. “Het toenemende aandeel van uitzendarbeid, deeltijdse en tijdelijke jobs, de snelle opmars van flexi-jobs en het nieuwe stelsel van onbelast bijklussen baart ons grote zorgen. De wetgever laat almaar meer flexibiliteit toe. Voor sommigen is dat misschien interessant, maar mensen in armoede helpt het niet vooruit. Willen we mensen uit de armoede halen, dan moeten we vooral kwaliteitsvolle en duurzame jobs creëren met garantie op een waardig inkomen.

Bron : https://www.demorgen.be/economie

 


Familieradio Enjoy FM

Familieradio Enjoy FM

Current track
TITLE
ARTIST